Leerlingenwerk klei schilderen marian bakens

Veranker de CMK-gelden structureel bij de scholen zelf

Deze tijd vraagt om een structurele kunstvakdocent op elke basisschool

Door Marian Bakens & Allerd van den Bremen

Marian Bakens is docent beeldende vorming in het po en beleidsmedewerker van Vereniging Onderwijs Kunst en Cultuur VONKC.
Allerd van den Bremen is muziekdocent in het po en verenigingscoördinator van de Vereniging Leraren Schoolmuziek VLS.


Iedere school in het primair onderwijs een vakdocent, is het pleidooi van Allerd van den Bremen en Marian Bakens. Het is de enige manier om kwalitatief goede cultuureducatie te verankeren. Om dat voor elkaar te krijgen, zouden de CMK-gelden structureel moeten worden en rechtstreeks naar de scholen moeten gaan.


Loop eens een gemiddelde basisschool binnen en vraag wat er aan kunst- en cultuuronderwijs wordt gedaan. Het antwoord is helaas te vaak: weinig tot niets. Met een beetje geluk gaan leerlingen af en toe naar een voorstelling of een museum, zingen ze liedjes met YouTube-filmpjes of knutselen ze op basis van een Pinterest-voorbeeld iets in elkaar. Maar leerlijnen ontbreken meestal, laat staan dat er op een structurele manier een vakdocent wordt ingezet.

Dit is ook logisch. Vanwege de vrijheid van onderwijs mag elke school zelf bepalen hoe kunst- en cultuuronderwijs wordt vormgegeven. En omdat er amper eisen zijn binnen de huidige kerndoelen is het al snel goed.

Toch vindt onze overheid kunst- en cultuuronderwijs wel degelijk belangrijk. Daarom zijn er als stimulans voor cultuureducatie allerhande regelingen in het leven geroepen. De bekendste is Cultuureducatie met Kwaliteit (CMK).

Hoe goed bedoeld ook, deze subsidieregeling heeft de verschillen tussen scholen groter gemaakt. Het meeste geld gaat immers naar scholen die willen investeren in kunst- en cultuuronderwijs. Scholen kunnen niet gedwongen worden om mee te doen, en dus doen veel scholen dat niet.

Geen tijd

Daar komt bij: deelname aan CMK garandeert geen structureel kwalitatief kunst- en cultuuronderwijs. De focus van het subsidieprogramma ligt op het ontwikkelen van de visie van de school en de professionalisering van groepsleerkrachten. Kunstvakdocenten worden met name ingezet om het team te trainen en te coachen, en daarna moeten die groepsleerkrachten het zelf kunnen - iets dat in veel gevallen een onmogelijke opdracht blijkt.

Groepsleerkrachten ervaren na het korte trainingstraject vaak nog steeds weinig deskundigheid. Daardoor blijven ze handelingsverlegen en weinig of niet gemotiveerd iets te doen met het geleerde. En: andere vakken stellen hogere eisen. Als het iets drukker wordt, en dat is het regelmatig in het basisonderwijs, schieten de kunst- en cultuurlessen erbij in.

Geen kwaliteit

En àls er aandacht wordt besteed aan cultuureducatie, is het maar de vraag of het op een goede manier gebeurt. Kunstvakonderwijs vraagt - naast al het andere werk dat ze al doen - veel van groepsleerkrachten. Op de Pabo is er weinig tijd voor geweest en de korte professionaliseringstrajecten werken eigenlijk alleen bij groepsleerkrachten die er al affiniteit en ervaring mee hebben. Zodra de kunstvakspecialisten weg zijn, dreigen de Pinterest- en YouTubelessen weer de standaard te worden. Wij zien ook regelmatig dat bij een directeurswissel al het opgebouwde overboord wordt gezet.

Slechte positie kunstvakdocenten

Schrijnend is dat het potentieel aan kunstvakdocenten hierdoor niet voldoende wordt benut. We hebben in Nederland veel goede docenten muziek, beeldend, theater en dans met een bevoegdheid voor het basisonderwijs.

Eenmaal afgestudeerd komen zij echter in een werkveld terecht met amper banen, want in het basisonderwijs zijn vooral onregelmatige losse projecten en incidentele klussen in de aanbieding, die naar onderbetaalde zzp'ers gaan. Waarom zou je daar als afgestudeerde voor kiezen? Een baan in het voortgezet onderwijs biedt vastigheid én een goed salaris.

Ons voorstel: Wat werkt wel? Als basisschool een kunstvakdocent in loondienst nemen!

Op scholen waar dit al het geval is, krijgen kinderen structureel les en de kans zich via een leerlijn te ontwikkelen. Cultuureducatie is er geborgd. De kunstvakdocent is er onderdeel van het team waardoor kunst en cultuur onderdeel worden van het schoolklimaat. Directie en het docententeam kunnen er samen werken aan goede cultuureducatie. Leerlingen krijgen de kans om te groeien. Gelukkig wordt dit binnen steeds meer scholen ervaren.

Daarnaast helpen vakdocenten om de werkdruk te verlagen en het lerarentekort te verminderen. Met een kunstvakdocent in het team krijgen groepsleerkrachten de ruimte zich te focussen op hun kerntaak: lesgeven in de basisvakken. Dit maakt de school een aantrekkelijke werkgever. Er zijn zelfs schoolbesturen die een hele poule aan kunstvakdocenten in dienst hebben. Dan zijn vakdocenten op meer scholen inzetbaar en kunnen ze samen werken aan intervisie en verdere professionalisering.

Veranker CMK-gelden

VONKC en VLS pleiten voor het structureel verankeren van de CMK-gelden en andere tijdelijke subsidies, in de vorm van een directe bijdrage aan de scholen zelf. Dat kan uiteraard niet zonder duidelijke eisen en voorwaarden.

Scholen moeten met dat geld werken aan kwalitatief duurzaam kunst- en cultuuronderwijs. Met de inzet van bevoegde kunstvakdocenten. De nieuw te ontwikkelen kerndoelen voor het leergebied Kunst & Cultuur kunnen richting geven aan wat 'kwalitatief' en 'duurzaam' in zou moeten houden.

Alle kinderen in Nederland verdienen goed kunst- en cultuuronderwijs. Daar zijn de meeste mensen het wel over eens. Steeds meer gremia erkennen nu ook dat het subsidiesysteem niet de wijze is om dit voor elkaar te krijgen. De tijd lijkt rijp voor kunstvakdocenten als vaste spil in het samenhangende web van de schoolcultuur.

Verder lezen onderaan het artikel bij LKCA

Zie ook: LKCA Cultureel Kapitaal: Debat over cultuureducatie en cultuurparticipatie